Taal
Engels
Niveau
B1
Eenheid
Gerunds and Infinitives
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

In het Engels is een infinitief de basisvorm van een werkwoord, meestal met 'to' ervoor (bijvoorbeeld: 'to eat', 'to go'). Infinitieven worden vaak gebruikt na bepaalde werkwoorden, bijvoeglijke naamwoorden of zelfstandige naamwoorden.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik het infinitief na veel werkwoorden (zoals 'want', 'need', 'decide'), na sommige bijvoeglijke naamwoorden (zoals 'easy to use'), en om een doel aan te geven ('I went to the store to buy milk').

Belangrijke vormen

Voorbeelden

I want to learn English.

Nederlands: Ik wil Engels leren.

She needs to study for the test.

Nederlands: Zij moet leren voor de toets.

He went to the shop to buy bread.

Nederlands: Hij ging naar de winkel om brood te kopen.

It is easy to understand.

Nederlands: Het is makkelijk te begrijpen.

Let me help you do it.

Nederlands: Laat mij je helpen het te doen.

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen