I am going to visit my friend.
Nederlands: Ik ga mijn vriend(in) bezoeken.
Met 'going to' kun je in het Engels praten over plannen of intenties voor de toekomst.
Gebruik 'going to' als je het hebt over iets dat je al hebt besloten te doen, of als je denkt dat iets snel gaat gebeuren omdat je aanwijzingen ziet.
I am going to visit my friend.
Nederlands: Ik ga mijn vriend(in) bezoeken.
She is going to start a new job.
Nederlands: Zij gaat een nieuwe baan beginnen.
They are going to play football.
Nederlands: Zij gaan voetballen.
Look at those clouds! It is going to rain.
Nederlands: Kijk naar die wolken! Het gaat regenen.