Taal
Nederlands
Niveau
A2
Eenheid
Voorzetsels en tijd
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

Getallen zijn woorden die je gebruikt om te tellen, hoeveelheden aan te geven, prijzen te noemen of de tijd te zeggen. Ze zijn belangrijk in het dagelijks leven.

Wanneer je het gebruikt

Je gebruikt getallen in het Nederlands voor leeftijden, tijden, data, prijzen, hoeveelheden, adressen en telefoonnummers.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

Ik heb drie appels.

Mijn telefoonnummer is nul zes vier vijf.

Hij is twintig jaar oud.

De winkel is om acht uur open.

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen