Taal
Nederlands
Niveau
A0
Eenheid
Basis ontkenningen en vragen
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

Ja/nee-vragen in het Nederlands plaatsen het werkwoord vóór het onderwerp, vaak met een hulpwerkwoord.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik ja/nee-vragen voor snelle bevestiging of eenvoudige controles.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

Ben je klaar?

Werkt hij hier?

Wonen zij dichtbij?

Zal zij met ons meegaan?

Tips

Verder verkennen