Taal
Nederlands
Niveau
A0
Eenheid
Basis tijdsaanduidingen
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

Op A0-niveau begint het werken met tijden in het Nederlands als tijdsbewustzijn: nu, voor nu en na nu.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik dit overzicht om de betekenis van zinnen te classificeren op tijd voordat je dieper op grammatica ingaat.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

Ik werk nu.

Ik werkte gisteren.

Ik zal morgen werken.

Zij is nu thuis.

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen